woensdag, november 02, 2005

Grote Mond

Grote Mond was nu één jaar dood. Het land was twee minuten stil en de vlaggen hingen op 3/4.
Radio en tv, kranten en internet, hoogwaardigheidsbekleders die zich het rouwen hadden toegeëigend, alles en iedereen rouwde over dit verlies.
Toen Grote Mond tot een eeuwig zwijgen werd veroordeeld begonnen de anderen pas te protesteren. Hun oren suisden welliswaar nog na van de verwensingen die zij door hem naar hun hoofd geslingerd hadden gekregen. In gedachten hadden velen hem dood gewild. Maar nu hij zo plotseling uit hun midden was gerukt begonnen ze massaal te sputteren. Hij had hen lafbekken genoemd. Geitenneukers. Hypocrieten. In zijn computer stonden zijn meest favoriete beschimpingen eerst gecategoriseerd volgens het schema: 1 vreselijke verwensing, 2 alledaagse vervloeking, 3 plaagstootje. Later maakte hij daarvan 1 mestkar met stront, 2 emmer met stront en 3 flinke wind. Nummer 1 en 2 raadpleegde hij altijd als eerste, vandaar dat hij uiteindelijk besloot om categorie 3 te schrappen. Nu hij zelf was geschrapt promoveerden zijn voormalige slachtoffers zichzelf onmiddellijk tot helden en pleiters van het vrije woord. Zij misten Grote Mond, die bij nader inzien bij leven en welzijn maar een klein hartje had en door degenen die hem beter kenden zelfs een aimabele persoon werd genoemd. Over de hele wereld ging zijn naam. Grote Mond was een symbool geworden. Vaandeldrager van de democratie en vrije meningsuiting. Martelaar van de Christenen en democraten en het panacee tegen het oprukkende Islamitisch fundamentalisme. Men had hem posthuum niet een grotere hak kunnen zetten. Een held word je soms tegen wil en dank.