dinsdag, december 13, 2005

Bloggetje, hier ben ik dan weer.

Bestaat er zoiets als 'blogverslaving'? Vast wel. Alles wat je aan het Web toevoegt staat er misschien over honderd jaar nog op. En het kan je tijdens je leven blijven achtervolgen.
Het idee dat er na mijn dood over de hele wereld onbekende mensen die de Nederlandse taal machtig zijn kennis kunnen nemen van mijn prietpraat is fascinerend. Net als de gedachte dat kwaadwilligen mij op een dag bij de kladden kunnen pakken omdat ik die leipo op BZ een lafaard heb genoemd in mijn blog. Of omdat ik die treurwilg van een Rita belachlijk heb gemaakt. Er zullen steeds slimmere bots komen die uiteindelijk al mijn gegevens bijeen zullen sprokkelen en deze worden dan omgevormd tot een profiel dat opgenomen kan worden in de databanken van de AIVD. Of de CIA. Pim Fortuyn werd ook in de gaten gehouden. Niet vreemd dat er nadat hij vermoord was complottheorieën opdoken.
Ik mag mezelf gelukkig prijzen dat ik John heet en geen Ali anders was mijn blog al lang gescreend, tegen het licht gehouden en doorgeneuzeld door een overijverige droogkloterige AIVD'er. Ja, dat hele bloggebeuren blijkt straks een grote val te zijn, waarin argeloze stumperts zoals ik met open ogen in tuimelen, vooruit geduwd door hun grote ego's. En op het moment dat je het geheel niet verwacht vindt de grote afrekening plaats. Lijkt me een mooi thema voor een vervolg op 1984.
Maar goed, ik ben weer even terug om te melden dat ik toch echt niets te zeggen heb. Niemand om te beschimpfen. Ja die Harry Potter uit Den Haag misschien. Onze MPJP, het braafste jongetje uit de klas. Die heeft het ver geschopt, zeker. Maar hij weet mooi niet hoe een lekkere joint smaakt. En daarom moeten natuurlijk alle koffieshops dicht als het aan hem ligt. En die 'Geluk' uit Rotterdam, zijn partijgenoot, laat ook maar alvast zijn spierballen rollen. De verkiezingen komen er aan en Pastors heeft een voorsprong die moeilijk in te halen valt. Al schat ik in dat we nog verbaasd zullen van de hufterigheid die onze dames en heren politici in petto voor ons zullen hebben.

zondag, december 04, 2005

Studie

De studie eist nu alle aandacht van me op. Dat is vervelend, want ik vind het leuk om ook nog andere dingen te doen. Dat is prettig, want het wijst er op dat ik goed bezig ben. Om de twee weken zit ik in Leiden en deze keer zit er zelfs slechts één week tussen. De vragenlijst die ik wil gebruiken is bijna af. Met wat geluk kan ik nog voor de kerstvakantie de lijsten uitdraaien voor de enquête in januari. Natuurlijk blijf ik betrokken bij wat er om me heen gebeurt. Maar veel tijd om te 'kletsen' in dit blog heb ik niet. Ik schrijf wel weer veel op in aantekenblokjes en zo kan ik toch op mijn eigen wijze de daily shit verteren die mij bereikt.

dinsdag, november 22, 2005

Pauze

Dit blogt lijkt een aflopende zaak en ik sluit niet uit dat dit klopt. Met deze bijdrage meegerekend heb ik er bijna 150 opzitten. Aan inspiratie geen gebrek. Het is gemakkelijker te verzuipen in de vloedgolven aan gebeurtenissen die ons dagelijks overspoelen dan om te komen van de dorst. Zo zal ik nooit ophouden met me te verbazen over hoe hardvochtig en kortzichtig politici kunnen zijn. Alsof voor het besturen van een land andere fatsoensregels gelden. En partijpolitieke oplossingen voor de problemen waar ons land mee te maken heeft de enige juiste zijn.
Ook mijn verwondering over de gewone alledaagse domheid en perversiteiten zal niet snel verdwijnen. Het lijkt of velen deze wereld zien als een fenomeen dat gevormd is door de grillen van het lot alleen. Veel te weinig mensen lijken te beseffen dat het resultaat van welke besluitvorming dan ook gewoon mensenwerk is en dat er blijkbaar mensen verantwoordelijk voor deze besluiten zijn. Dat geldt ook voor het uitblijven van besluiten en ik vrees dat geen van de nu levende mensen ooit zal meemaken dat er een wereldwijde onvoorwaardelijke samenwerking zal ontstaan bij de aanpak van de problemen die er echt toe doen. Ik heb het over armoede, vervuiling, kinderarbeid, milieuvervuiling, overbevissing, oorlog, strijd tussen de ideologiën en noem maar op. Brood en spelen, daar ging het om in het oude Rome en daar gaat het nog steeds om. Wij mensen zijn onverbeterlijk.
Laatst bereikt we zelfs CNN met het nieuws dat een mus was doodgeschoten. En ik voorspel dat hiermee de grenzen van de lulligheid nog lang niet zijn bereikt.
Zoals ik al zei, inspiratie genoeg. Stoppen zal ik niet, maar voorlopig even wel. Eens zien of de wereld kan zonder mijn bijdrage aan dit blog. Wat denk je...?
Het is moeilijk om onder ogen te zien dat we geen omlaag gevallen goden maar omhoog gekropen apen zijn. Dat de natuur met het experiment 'mens' dezelfde doodlopende weg lijkt ingeslagen te zijn als met de overige 99% van de experimenten die zij verricht heeft met het leven. Want zoveel soorten zijn er al verdwenen sinds het eerste gekrioeliseer begon. Alles wat meer ingewikkeld is dan een amoebe lijkt het uiteindelijk af te leggen in de strijd om te overleven.
Eén lichtpuntje zie ik wel. We zullen het niet weten. Misschien heb ik ongelijk. Gelukkig is dit vaker gebeurd.

zondag, november 13, 2005

Vijf euro.

Niets is zo bizar als de werkelijkheid. Twee dagen nadat ik in mijn weblog in een verzonnen verhaaltje schreef, dat ik in een gulle bui aan een bedelaar vijf euro had gegeven, werd ik op straat door een bedelaar in gebrekkig Nederlands gevraagd of ik vijf euro kon missen. Hij had n.l. zo'n honger. Eerst zei ik nee, maar omdat ik moest denken aan mijn verhaal kwam ik op mijn besluit terug. Was dit immers niet heel erg toevallig? Ik zag hem nog net een Indisch eethuisje binnenstappen en omdat ik zelf ook trek had ging ik achter hem naar binnen. Ik hoorde hoe hij aan de verbaasde winkeljuffrouw vijf euro vroeg omdat hij naar het ziekenhuis moest met de trein. Mij had hij welliswaar een ander verhaal verteld, maar omdat hij natuurlijk geen geld kreeg bood ik aan om een broodje voor hem te kopen. Hij bedankte en liet mij weten dat hij dit eten niet lekker vond. "Dan heb je geen echte honger", was mijn reactie. Hij verliet de winkel. "Ik moet ook hard werken voor mijn geld. Als hij mij om eten gevraagd had, dan had ik hem natuurlijk geholpen," zei de winkeljuffrouw. En ik zag dat ze het meende. Ook andere bedelaars kregen die dag niets meer van me. Om de een of andere reden vond ik ze opeens niet meer zielig, maar vooral vervelend. Zo gaat dat.

woensdag, november 09, 2005

Zij dronken een glas....

Het volk was in rep in roer. Dìt kon zo niet langer. Er moest nu toch echt wat gebeuren. De burgemeester belegde een spoedvergadering met zijn wethouders. Of zij wel wisten hoe ernstig de situatie was. Iedereen knikte braaf. Elk van hen was hiervan doordrongen. De gemeentesecretaris schonk nog eens in. Ze hieven het glas. "We zijn het dus allemaal met elkaar eens dat er maatregelen genomen moeten worden?" "Zeker, mijnheer de burgemeester. Ik denk dat ik namens allen spreek als ik zeg dat het afgelopen moet zijn", sprak de gemeentesecretaris, wat gevolgd werd door een instemmend gemompel van de andere aanwezigen. "Ad fundum" klonk het uit zeven kelen en de glazen werden leeggedronken. "Dan ga ik nu eerst eens een plas doen", sprak de burgemeester. "Een goed plan", reageerde de wethouder van financiën. En hij en alle anderen volgden de burgemeester naar het toilet. Het was heerlijk om het zo met elkaar eens te zijn, een goed glas te drinken en daarna gezamenlijk de blaas te ledigen.

dinsdag, november 08, 2005

Krent.

Toen ik laatst door een bedelaar werd aangesproken gaf ik hem in een gulle bui vijf euro. Zijn ogen begonnen te glimmen. Voor ik het kon voorkomen had hij mijn hand vastgepakt en sprak: "Bedankt mijnheer. Als ik nog twee euro van u krijg kan ik mijn shotje gaan halen." Ik stond perplex van zoveel eerlijkheid. "Werk nog maar even door voor die twee euro", reageerde ik na enige tijd, omdat ik die twee euro best kon missen en ik een moment twijfelde of ik hem voor zijn openhartigheid zou belonen. Ik besloot van niet. "Mijnheer, als u vijf euro missen kunt, dan kunt u ook zeven euro missen. Het wordt donker, iedereen heeft haast en twee euro bedel je niet zomaar bij elkaar." Hij had mijn hand inmiddels losgelaten en keek mij verwijtend aan. Alsof ik hem van twee euro had bestolen en hij nu door mijn schuld misschien zijn shotje zou moeten missen. "Geef de moed niet op" mompelde ik en liep met stevige passen door. Ik voelde hoe zijn blik mij volgde. "Krent, patser" hoorde ik, hoe hij me nariep. Had ik hem dan toch die twee euro moeten geven, vroeg ik me af.

Moraal: Als je de mensen tevreden wil houden geef ze dan niet wat jij kwijt wil, maar wat zij nodig hebben. Komt je eigen tevredenheid op de eerste plaats, bepaal dan zelf of je geeft en hoeveel.

zondag, november 06, 2005

Stank

Er was eens een prinses. Zij was beeldschoon maar had helaas een penetrante lijfgeur. Niet alleen haar voeten, maar ook haar oksels, haar nek en haar schaamstreek stonken erger dan een beerput. Haar bijnaam was 'stankoverlast', wat al snel werd afgekort tot 'Stanko'. Zij had zelf geen last van deze stank, want als kind was zij haar reukvermogen verloren.
Zij was pas gaan stinken na haar eerste menstruatie. Alle mogelijke huwelijkskandidaten bedankten voor de eer om met prinses Stanko gelukkig te worden, maar tenslotte vond zij een knappe prins, die nog harder stonk. Hij verschoonde zich zelden en droeg zijn onderbroeken met gele en bruine vlekken bij voorkeur minstens een half jaar. Net als zijn sokken.
Het was liefde op het eerste gezicht tussen beiden. Door zijn eigen stank heen kon hij haar niet ruiken. En toen zij hem vroeg of hij met haar wilde trouwen aarzelde hij geen moment en gaf hij haar zijn ja-woord. Beiden leefden nog lang en gelukkig.

Wat is de moraal van dit verhaal? Als je stinkt zoek dan iemand die je niet kan ruiken. Dan komt alles nog goed.

Fuck you

Ze was klein en blond. Misschien zestien jaar. Op de veel te grote tas die ze met zich meesleepte stond met grote letters "Fuck you" geschreven en deze boodschap lag ook in de donkere blik als je het waagde om haar aan te staren. Zo te zien was ze van enige toenadering niet gediend. Blijkbaar had ik mijn dag niet, want toen in de trein de jongen die tegenover mij zat opstond om weg te gaan en zich omdraaide schreeuwde dezelfde boodschap mij in grote witte letters op de achterkant van zijn zwarte jack mij toe. Had ik misschien iets gemist? Was "Fuck you" sinds kort een manier om elkaar een prettige dag toe te wensen? Soms gaan de ontwikkelingen wel erg snel.